23 plasdraspompen op zonne-energie

Begin dit jaar heeft Collectief Alblasserwaard/Vijfheerenlanden 23 plasdraspompen op zonne-energie besteld voor een deel van de deelnemers met een (greppel)plasdras. De plasdraspompen zijn grotendeels deze week geplaatst.

Plasdraspomp op zonne-energie.

Plasdraspomp-op-zonne-energie-(2)

De aanschaf van de plasdraspompen is mede mogelijk door een subsidie van de provincie Zuid-Holland en een ‘bijdrage’ van de betreffende deelnemers (zij maken voor de oppervlakte (greppel)plasdras geen gebruik van het recht op mozaïekkostenvergoeding).

De plasdraspompen moeten de kwaliteit van het nat biotoop in de Alblasserwaard/Vijfheerenlanden verbeteren, waardoor ook de kwaliteit van de weidevogelmozaïeken als geheel zal verbeteren.

Het areaal (greppel)plasdras is ongeveer vervijfvoudigd ten opzichte van 2015. Ook dit beheerjaar (2017) zijn er weer extra deelnemers met een (greppel)plasdras. Voor deze vorm van hoogwaardig weidevogelbeheer wil het collectief zoveel mogelijk ruimte bieden.

Positief eerste beheerjaar ANLb

Collectief Alblasserwaard/Vijfheerenlanden kijkt positief terug op het eerste jaar van het nieuwe stelsel voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb 2016-2021). De voortgangsgesprekken hierover met de beide provincies, Utrecht en Zuid-Holland, zijn naar volle tevredenheid verlopen.

grutto's, Adri de Groot
grutto’s, Adri de Groot

Opmerkelijk is het grote draagvlak voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer in de Alblasserwaard/Vijfheerenlanden. De bijna driehonderd deelnemers van het collectief beheren inmiddels zo’n 4.000 hectare grasland (netto weidevogelbeheer). Ruige mest wordt toegepast op zo’n 775 hectare (minimaal 10 ton per hectare). Door de circa 2.500 kilometer botanische randen (niet bemeste en bespoten bufferstroken langs boerensloten), ontstaat op meerdere plekken in het gebied een redelijk aaneengesloten groenblauwe dooradering. Verder beheren de deelnemers duizenden landschapselementen, zoals de voor het gebied zo kenmerkende knotbomen, hoogstambomen en poelen.

Het percentage gecontracteerd zwaar/bijzonder weidevogelbeheer is erg hoog: meer dan 33 procent, nog los van het soortenrijk grasland en de botanische randen. Hiermee voldoet het beheer ruimschoots aan de randvoorwaarden die de provincies in hun natuurbeheerplannen stellen. Bij bijzonder/zwaar beheer denkt het collectief onder meer aan grasland met rustperiode (later maaien, bijvoorbeeld na 8 juni, met of zonder voorweiden), kruidenrijk grasland (verschralen en later maaien), extensief beweid grasland en (greppel)plasdras, een aantrekkelijk nat biotoop voor weidevogels. Vooral vroeg in het voorjaar is de aantrekkingskracht van een (greppel)plasdras groot.

Voorzitter Cees de Jong: ‘Het nieuwe stelsel is kansrijk, maar niet vrijblijvend. Het is continu gericht op verbetering, afgestemd op de situatie in het veld. Lerend beheren, dat is de uitdaging waar we voor staan. Daarom vinden we het belangrijk dat de deelnemers werken op basis van vrijwilligheid, en tegen een passende vergoeding. Het huidige agrarisch natuur- en landschapsbeheer is geënt op stimuleren in plaats van afdwingen. Dat is een goed uitgangspunt, omdat hierdoor de intrinsieke motivatie van de deelnemers wordt bevorderd. Het is de kunst om het agrarisch natuur- en landschapsbeheer zo goed mogelijk te integreren in de bedrijfsvoering.’

Goed broedsucces beheerjaar 2016

In het broedseizoen van beheerjaar 2016 heeft Collectief Alblasserwaard/Vijfheerenlanden op 3.150 hectare een beperkte BMP-monitoring uitgevoerd (Broedvogel Monitoring Project, uitgevoerd in twee telrondes in plaats van vijf). De telrondes lagen binnen de datumgrenzen van de grutto: tussen 1 april en 10 mei. De geldige waarnemingen, met verschillende gedragstypen, zijn ingevoerd in de database van Sovon. Het aantal broedparen per soort is vervolgens automatisch bepaald via autoclustering, en wel op basis van landelijk vastgestelde criteria, zoals het vereiste aantal geldige waarnemingen binnen/buiten de datumgrenzen.

grutto's, Adri de Groot
grutto’s, Adri de Groot

Het gemiddelde aantal geldige waarnemingen per telronde kwam uit op 58,54 per 100 hectare. Het gemiddelde aantal broedparen van alle gemonitorde (weide)vogelsoorten kwam uit op 48,73 per 100 hectare. Bij vijf telrondes zou dit aantal hoger liggen, zeker op de beheerde percelen. De meest voorkomende soorten per 100 hectare waren:

  • Kievit 24,73
  • Grutto 10,66
  • Scholekster 4,22
  • Tureluur 3,11
  • Krakeend 3,02

Aansluitend zijn eind mei, begin juni alarmtellingen uitgevoerd in 13 geschikte polders. Op basis van deze tellingen is het BTS (Bruto Territoriaal Succes) bepaald op 77%. Voorzitter Cees de Jong: ‘Een mooi resultaat. Ruim boven de 65% die nodig wordt geacht voor een stabiele weidevogelpopulatie, maar natuurlijk voor verbetering vatbaar.’ Er was aanmerkelijk minder predatie dan in 2015.